Hoe werkt een homeopatisch middel?

Samuel Hahnemann, de grondlegger van de homeopathie, zag de primaire oorzaak van een aandoening als een ´dynamische verstoring´. Hiermee bedoelde hij de verstoring van de harmonische verdeling van de lichaamsenergie. Dit gaat vooraf aan ziekte van de organen. Dat betekent dat een middel pas dan effectief kan functioneren als het van eenzelfde dynamische aard is als de primaire ziekte. Het middel moet als het ware resoneren met de aard van de verstoring. Het middel dient er zo fijn op afgestemd te zijn dat het er direct op in kan werken. Tijdens het eerste consult gaat de homeopaat op zoek naar waar de verstoring in de lichaamsenergie ontstaan is. Deze verstoring kan zich uiten in allerlei klachten zowel op lichamelijk als emotioneel gebied.

Hoe wordt een homeopatisch middel bereid?

Om een homeopatisch geneesmiddel te maken nemen we 1 deel van de oorspronkelijke stof. Dit vermengen we met 99 delen water of alcohol. De oorspronkelijke stof wordt dus 100 keer verdund. Dit mengsel wordt 10 keer krachtig geschud. Nu krijgen we een zogenaamde C1-potentie. De op deze manier verkregen geneesmiddelen noemen we potentie omdat ze de kracht, de potentie, hebben om een ziek persoon beter te maken, mits deskundig voorgeschreven. Dit verdunnen en schudden, wordt potentiëren genoemd. Het zorgt ervoor dat stoffen die in een normale dosering schadelijk zijn, nu verdwijnen. De genezende stimulans neemt juist toe en is krachtiger geworden.

Nemen we nu 1 deel van de C1 en mengen dat vervolgens weer met 99 delen water of alcohol en schudden het daarna op dezelfde wijze dan ontstaat een C2. Dit principe kunnen we eindeloos herhalen tot zo hoog als we willen: C100, C 1000 etc.…

Er zijn ook andere verdunningen mogelijk: een LM-potentie wordt bijvoorbeeld anders bereid. Eerst wordt er een C3-potentie gemaakt die dan steeds met een factor 50.000 verdund wordt.
Homeopatische middelen worden getest op mensen, uiteraard in een veilige dosering.

Dierproeven zijn dus niet nodig!

Comments are closed.